Hoe meet je de waterdruk voor een beregeningssysteem op kraanwater?
Een beregeningssysteem dat niet goed is afgestemd op de beschikbare watertoevoer kan onvoldoende bereik geven. Sproeiers komen bijvoorbeeld niet goed omhoog, halen hun gewenste sproeiafstand niet of geven geen gelijkmatige waterverdeling.
Daarom is het verstandig om vóór het samenstellen van een beregeningssysteem eerst druk en debiet te meten.
Stap 1 – Wat is het verschil tussen waterdruk en debiet?
Waterdruk wordt uitgedrukt in bar en geeft aan onder welke druk het water beschikbaar is.
Debiet geeft aan hoeveel water per tijdseenheid beschikbaar is en wordt bij tuinberegening meestal uitgedrukt in liter per minuut (l/min).
Beide zijn belangrijk. Een hoge waterdruk betekent namelijk niet automatisch dat er ook voldoende water beschikbaar is om meerdere sproeiers tegelijkertijd te gebruiken.
De benodigde werkdruk en het waterverbruik verschillen bovendien per type sproeier. Controleer daarom altijd de technische gegevens van de gekozen sproeier.
Stap 2 – Debiet van de tuinkraan meten met een emmer
Een eenvoudige manier om een eerste indicatie van het beschikbare debiet te krijgen, is de emmertest.
Gebruik bijvoorbeeld een emmer van 10 liter:
- Sluit andere grote waterverbruikers tijdelijk af.
- Zet de tuinkraan volledig open.
- Meet hoeveel seconden het duurt om 10 liter water op te vangen.
- Bereken vervolgens het debiet.
De formule is:
10 ÷ aantal seconden × 60 = liter per minuut
Voorbeeld:
Een emmer van 10 liter is in 10 seconden gevuld:
10 ÷ 10 × 60 = 60 l/min
Het gemeten debiet is in dit voorbeeld dus ongeveer 60 liter per minuut.
Let op: dit is een praktische indicatie aan het tappunt. De daadwerkelijk beschikbare capaciteit van het beregeningssysteem kan veranderen door leidinglengte, leidingdiameter, hoogteverschil, appendages en gelijktijdig watergebruik.
Stap 3 – Hoeveel water gebruikt een sproeier?
Het waterverbruik verschilt sterk per type sproeier, nozzle, ingestelde sector en gewenste sproeiafstand.
Gebruik daarom niet één vaste waarde voor bijvoorbeeld een pop-up sproeier of rotor. Controleer het opgegeven debiet en de benodigde werkdruk van de fabrikant.
Stel bijvoorbeeld dat bij de gewenste instelling één sproeier 6 l/min verbruikt en er aan het systeem 30 l/min beschikbaar is. Dan lijkt vijf sproeiers rekenkundig mogelijk:
5 × 6 = 30 l/min
In de praktijk is het verstandig om voldoende marge te houden en ook rekening te houden met drukverlies in het leidingnet.
Stap 4 – Waterdruk meten
Naast het debiet is ook de beschikbare waterdruk belangrijk. Deze kan met een geschikte drukmeter worden gecontroleerd.
Er is daarbij een belangrijk verschil tussen:
Statische druk
De druk wanneer er geen water stroomt.
Dynamische druk of werkdruk
De druk terwijl water wordt afgenomen.
Voor het ontwerpen van een beregeningsinstallatie is vooral de beschikbare druk tijdens waterafname belangrijk. De druk die een sproeier daadwerkelijk ontvangt, kan namelijk lager zijn dan de druk die je meet wanneer alle kranen gesloten zijn.
Stap 5 – Beregening verdelen in zones
Kunnen niet alle sproeiers tegelijkertijd van voldoende water worden voorzien? Dan wordt het beregeningssysteem verdeeld over meerdere beregeningszones.
Per zone bepaal je hoeveel sproeiers tegelijkertijd kunnen werken zonder de beschikbare capaciteit te overschrijden.
Een beregeningscomputer en magneetventielen kunnen vervolgens automatisch zone voor zone inschakelen.
Hierdoor hoeft een beperkte watertoevoer niet automatisch te betekenen dat een grote tuin niet automatisch beregend kan worden. Het systeem moet vooral correct worden ontworpen.
Leidingdiameter en drukverlies
Ook de diameter van de leiding heeft invloed op de prestaties van het beregeningssysteem. Een te kleine leiding kan bij een hoog debiet relatief veel drukverlies veroorzaken.
Welke diameter nodig is, hangt onder andere af van:
- het gewenste debiet;
- lengte van het leidingtracé;
- aantal bochten en appendages;
- beschikbare druk;
- hoogteverschillen;
- aantal sproeiers per zone.
Tyleenslang van 32 mm wordt veel toegepast als hoofdleiding in beregeningsinstallaties, maar is niet automatisch voor iedere installatie de juiste diameter. Bij grotere debieten of langere afstanden kan een grotere diameter noodzakelijk zijn.
Kraanwater of beregeningspomp?
Wanneer de waterleiding onvoldoende capaciteit of druk levert, kan een andere watervoorziening nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan een beregeningspomp, hydrofoorpomp, bronpomp of waterbuffer.
Welke oplossing geschikt is, hangt af van de beschikbare waterbron en de benodigde capaciteit van het beregeningssysteem.
Laat een pomp niet alleen op maximaal vermogen selecteren. De combinatie van debiet en opvoerhoogte moet aansluiten op het werkpunt van de installatie.
Tips voor een goed beregeningssysteem
- Meet zowel het beschikbare debiet als de waterdruk.
- Ontwerp zones op basis van het werkelijke waterverbruik van de sproeiers.
- Houd rekening met drukverlies in leidingen en hulpstukken.
- Kies de leidingdiameter op basis van debiet en leidinglengte.
- Gebruik de technische gegevens van de gekozen sproeiers.
- Zorg voor voldoende overlap tussen sproeiers voor een gelijkmatige waterverdeling.
- Houd rekening met hoogteverschillen in de tuin.
- Test de installatie voordat leidingen definitief worden weggewerkt.
Hulp bij het berekenen van waterdruk en debiet?
Niet zeker hoeveel sproeiers u tegelijkertijd kunt gebruiken of welke leidingdiameter en pomp bij uw tuin passen? Vervelde kan meedenken over debiet, waterdruk, leidingdiameter, sproeierkeuze en zone-indeling.
Bekijk ook onze tips en adviezen over beregening voor meer informatie over beregeningspompen, sproeiers, tyleenleidingen en automatische beregeningssystemen.
Veelgestelde vragen over waterdruk en beregening
Hoeveel bar heb ik nodig voor een beregeningssysteem?
Dat verschilt per sproeier en nozzle. Kijk naar de voorgeschreven werkdruk van de fabrikant en houd rekening met drukverlies tussen de waterbron en sproeier.
Hoe meet ik hoeveel water mijn tuinkraan levert?
Met een emmertest kun je een eerste indicatie krijgen. Meet hoe lang het duurt om een bekend volume te vullen en reken dit om naar liter per minuut.
Hoeveel sproeiers kunnen op één beregeningszone?
Tel het waterverbruik van de sproeiers binnen de zone bij elkaar op. Dit moet binnen het beschikbare debiet passen, waarbij ook voldoende werkdruk en marge over moeten blijven.
Is 32 mm tyleenslang altijd voldoende voor beregening?
Nee. 32 mm wordt veel gebruikt, maar de juiste diameter hangt af van onder andere debiet, leidinglengte en beschikbare druk.
Kan ik automatische beregening aansluiten op kraanwater?
Ja, mits de waterleiding voldoende debiet en werkdruk levert voor het ontworpen systeem. Bij onvoldoende capaciteit kan het systeem in kleinere zones worden verdeeld of kan een andere watervoorziening nodig zijn.